Op een ochtend werd ik gebeld door een meneer. Hij vroeg of ik tijd had om diezelfde dag nog langs te komen. Zijn vader was in slaap gebracht en zou één dezer dagen overlijden. Hij en zijn zussen wilden wat dingen bespreken voor de uitvaart van vader. Ze hadden ideeën over hoe de uitvaart er uit moest zien. Daar wilden ze graag met mij, voor het overlijden van vader, over spreken.

Eigen ideeën
Tijdens het gesprek werd mij al snel duidelijk dat ze hele mooie eigen ideeën hadden. Ze wilden van mij eigenlijk alleen weten of het kon. Door hier en daar wat opties aan te dragen en dingen te bevestigen, kregen zij rust. De uitvaart, zoals zij die in hun hoofd hadden, was uitvoerbaar.

Taken verdelen
De volgende dag werd ik gebeld dat meneer was overleden. Toen ik aankwam bij de kinderen, hadden ze de taken al verdeeld. Met één dochter en één kleindochter ging ik meneer verzorgen. Het was de wens van deze dochter om vader op zijn zij op te baren. Het leek net of hij lag te slapen. Heel bijzonder en mooi om te zien. De andere kinderen waren bezig om de rouwkaart te ontwerpen. Hun vader was leraar geschiedenis geweest en had veel verschillende interesses. Dat moest duidelijk naar voren komen in de rouwkaart.

Tastbare herinnering
Bij het vormgeven van de afscheidsdienst werd het idee geopperd om de boekenkasten, met al die mooie boeken van vader, achter in de zaal neer te zetten. Iedereen die na de dienst de zaal verliet, kon langs de boekenkasten lopen en een boek meenemen.

Afscheidsdienst
Zo is het gegaan. Na de dienst stonden mensen bij de boekenkasten te praten over de bijzondere man die hij was. En wachten rustig op hun beurt om één of meerdere boeken uit te zoeken. Na afloop waren de boekenkasten zo goed als leeg. Iedereen had nu een tastbare herinnering aan de overledene.

boekenkast